RabanalPonferada,34km.
Dit is de dag van Cruz de Ferro, al dagen praten we over deze plaats waar iedere pelgrim geweest moet zijn, omdat hier zoals men vertelt een steen neerlegt die symbool is van de last die men mee torst op de tocht naar Santiago.Al heel lang weet ik ook van deze plaats af omdat ik een documentaire heb gezien waar dit kruis met een pelgrim die ook zijn steen neerlegde in voorkwam.
Toen wij in St.Jacobieparochie begonnen heb ik ook een steen gevonden die ik vandaar uit de hele reis heb meegenomen met als plan om die als we daar zouden aankomen neer te leggen.
Op een of andere manier is me dat kruis en die steenhoop bij gebleven, religie, mysterie, ik weet het niet goed onder woorden te brengen wat het is, in ieder geval heeft het op mij veel indruk gemaakt, alhoewel ik hier niet met een last ben heen gekomen.
We staan om 5.45 uur op en nadat we met de vrijwilligers een kop koffie gedronken hebben vertrekken we om 6.30uur het is nog aardenacht en het is goed oppassen waar je loopt want het is een stijgend pad met allemaal losse stenen.Halverwege missen we Rein en Michael die wat achterop waren geraakt omdat Rein een sanitaire stop nodig had en net zoals wij hen misten, misten zij ons ook, ze dachten dat we een afslag gemist hadden.
Peter en ik waren op een bepaald moment ook weer wat uit elkaar geraakt omdat ik op de andere twee wilde wachten en dus wat langzamer was gaan lopen, al ploeterend en struikelend en scherp oplettend op de pijlen kom ik aan in het dorpje Foncebadon wat werkelijk uitgestorven lijkt en voornamelijk uit vervallen huizen en gebouwen bestaat.
Het pad waar ik over loop is een karrenspoor wat bestaat uit keien van allerlei afmetingen en in het donker slecht loopt maar dan hoor ik ineens zingen en als ik dichterbij kom zie ik licht branden dat uit de openstaande deur van een klein kerkje komt.Een beetje aangedaan door de sfeer waarin dit alles zich afspeelt(donker,stilte,verlaten,)stap ik het kerkje binnen en zie een groep pelgrims staan die hier overnacht hebben en voorafgaande aan de tocht het lied van de pelgrims zingen Ultreya !!(altijd onderweg).Als het lied uit is wensen we elkaar buon camino toe en stappen we het kerkje uit waar Rein en Michael zich weer bij ons aansluiten.
Op weg naar het Cruz de Ferro, is het pad nog steeds stijgende en wordt het al licht in het oosten en komen we tot de ontdekking dat we nooit met zonsopgang aan zullen komen omdat hoe hoger we komen wij des te eerder de zon zien opkomen. Wanneer het dan licht is zien we op een bergkam het kruis boven alles uitsteken en voel ik de steen in mijn broekzak die ik daar neer wil leggen.
Langzaam lopen we het laatste stuk erheen met een gevoel van verslagenheid, vol ongeloof kijken we naar het schouwspel dat zich voor onze ogen afspeelt,we lopen naast elkaar en hebben beide dezelfde gedachte wat is dit een enorme afknapper. We zien mensen op een enorme hoop stenen dansen en springen, fotos nemen, elkaar omhelzen, we kunnen onze ogen niet geloven en zijn teleurgesteld en boos over wat we meemaken.
Is dit nu de plaats waar honderden pelgrims hun lasten achterlaten en de steen neerleggen om op deze wijze deze plaats te onteren, dit is een toeristenattractie geworden in plaats van een monument van overdenkingen. We besluiten om snel door te lopen, en ook geen fotos te maken, ik besluit dat ik hier niet mijn steen neer wil leggen, stil lopen we verder nog erg onder de indruk, maar honderd meter verder staat aan de linker kant van de weg een oud en verroest kruis(zo een zoals het hoort te zijn) met een hoopje kleine steentjes die door pelgrims met misschien wel dezelfde gedachte als ik neergelegd zijn, waar ik dus ook mijn steen neerleg en met een goed gevoel.
Ik denk een moment aan de reis die de steen ook gemaakt heeft en loop in gedachten achter de anderen aan op naar Manjarín waar een prachtige herberg is waar men de oude tempeliersgebruiken in ere tracht te houden, hoewel er in het boekje staat dat het zeer persoonlijk is en niet erg hygiëenisch en waar we met ons vieren gaan koffie drinken.
Ook hier is het een drukte van belang en zo langzamerhand krijgen we het gevoel dat hoe dichter we bij Santiago komen hoe toeristischer de route wordt, er worden fotos genomen van pelgrims met daarbij drie mensen uitgedost als waren het hogepriesters.
Als we opstappen moeten we nog 23km naar Ponferada over een prachtige route met allerlei leuke dorpen, El Acebo, Riego de Ambros, Molinaseca,en tot slot Ponferada,maar voordat we er zijn nog iets over de route die ons over oude muilezelpaden voert en over beken waar stapstenen in liggen om droge voeten te houden.
Vlak na Riego de Ambros lopen we lange tijd door een gebied waar brand is geweest en wat ook duidelijk te zien is aan de zwartgeblakerde omgeving, ondanks dat komt het groen al weer de grond uit, getuige de foto, enkele oude bomen zijn wonder boven wonder gespaard gebleven. Na Molinaseca dalen we af naar Ponferada en zoeken daar onderdak.
welte.

Driegende wolken boven Rabanal del Camino

Refugio Manjarin

Ezelpad door de bergen

Oude huizen in El Acebo

Even om koffie in El Acebo

Jacobspad tussen de huizen door

Oud muilezel-pad in Riego de Ambros

Hier woedde een bosbrand

Deze zijn ontsnapt aan de bosbrand

Nieuw leven na bosbrand